Met name deze laatste categorie is zeer fors gegroeid de laatste jaren. Bedrijven kiezen vaak voor het inlenen van personeel om de risico’s buiten de deur te houden. Toch moet de inlener zich realiseren dat hij risico’s loopt bij het inlenen van personeel. Over het algemeen wordt hier te weinig bij stil gestaan.
In deze column daarom wordt nader ingegaan op deze zogenaamde inlenersaansprakelijkheid. De inlenersaansprakelijkheid houdt in dat de inlener van personeel aansprakelijk is voor de betaling van de loonbelasting, premie volksverzekeringen, premies werknemersverzekeringen, inkomensafhankelijke bijdrage zorgverzekeringswet en de omzetbelasting. De eerste vier worden aangeduid als de loonheffingen.
Worden de genoemde belastingen niet afgedragen door de uitlener (uitzendbureau of payroll bedrijf) dan is de inlener hiervoor aansprakelijk. Het is dus zaak dat de inlener zijn aansprakelijkheid gaat beperken. Dit kan hij op de volgende manieren doen:
1. Verklaringen van betalingsgedrag opvragen;
2. Bijhouden van een goede administratie;
3. Rechtstreekse storting op rekening van de belastingdienst;
4. Betaling op geblokkeerde rekening (g-rekening).
Ad 1. Een verklaring van betalingsgedrag kan alleen worden opgevraagd door de uitlener. Er komt een zogenaamde schone verklaring wanneer er een schriftelijke verklaring komt waarin staat dat de uitlener zijn loonheffingen en omzetbelasting heeft betaald. Het is echter geen vrijwaringsverklaring, de inlener kan ondanks de verklaring toch aansprakelijk worden gesteld. Het geeft uiteraard wel een goed inzicht in het betaalgedrag van de uitlener.
Ad 2. Met het bijhouden van een goede administratie kan de inlener zijn eventuele aansprakelijkheid beperken. Het belangrijkste is dat de inlener de gegevens van de personeelsleden ook zelf bijhoudt.
Ad 3. Een inlener kan niet aansprakelijk worden gesteld als hij het totale factuurbedrag rechtstreeks overmaakt op de bankrekening van de belastingdienst. Voor het uitleenbedrijf kan dit een probleem opleveren omdat deze niet kan beschikken over de liquide middelen.
Ad 4. De meest gebruikte vorm voor het beperken van de aansprakelijkheid is het storten op de g-rekening. In de praktijk wordt vaak 30 procent van het factuurbedrag gestort op de g-rekening maar u dient zich af te vragen of dat wel voldoende is. Het totaal kan namelijk wel oplopen tot 50%!
Leent u personeel in van buitenlandse bedrijven dan gelden er nog extra aanvullende voorwaarden. U dient dan te beschikken over het inleencontract en tevens moet er een kopie van de E101-verklaring in uw dossier te zitten.
Wij raden u dan ook aan om de situatie in uw onderneming goed in kaart te brengen, immers voorkomen is beter dan genezen.